Reflectie op overtuigingen over controle & zelfeffectiviteit0 / 32

Denk aan doelen en situaties waarmee je in de afgelopen drie maanden regelmatig te maken had. Antwoord op basis van wat in die contexten waar voelde, niet wat volgens jou waar zou moeten zijn. Hoe waar was elke uitspraak voor jou?

Pagina 1 van 4.

  1. 1.

    Mijn keuzes maakten een betekenisvol verschil voor minstens enkele uitkomsten die ik belangrijk vond.

  2. 2.

    Geluk of timing speelde een grote rol in hoe belangrijke situaties afliepen.

  3. 3.

    Beslissingen van gezagsdragers bepaalden sterk welke opties voor mij beschikbaar waren.

  4. 4.

    Als een taak moeilijk maar leerbaar was, geloofde ik dat ik kon uitzoeken hoe ik die moest aanpakken.

  5. 5.

    Wanneer ik mijn aanpak veranderde, verwachtte ik dat de uitkomst ook kon veranderen.

  6. 6.

    Onvoorspelbare gebeurtenissen waren vaak belangrijker dan zorgvuldige plannen.

  7. 7.

    Toegang tot kansen hing vaak af van beslissingen van andere mensen.

  8. 8.

    Ik voelde me in staat vooruitgang te boeken met onbekende taken zodra ik genoeg informatie had.

  9. 9.

    Wat ik deed maakte meestal weinig verschil voor hoe dingen afliepen.

  10. 10.

    Toeval had weinig invloed op de uitkomsten die ik meemaakte.

Beantwoord alle items op deze pagina om door te gaan.